Al 5000 soorten waargenomen

Duinsabelsprinkhaan (foto: André Geelhoed)

Al 5.000 verschillende soorten in de Gelderse Poort waargenomen

Dit jaar zijn in het kader van Soortenjaar Gelderse Poort al meer dan 5.000 verschillende flora- en faunasoorten waargenomen in de Gelderse Poort. Het aantal is slechts een tussenstand. Onder de waargenomen soorten zitten talloze algemene soorten, maar ook veel zeldzaamheden en zelfs soorten die voor het eerst in Nederland werden gezien.

Het soortenjaar

In 2022 willen de Flora- en Faunawerkgroep Gelderse Poort en Staatsbosbeheer samen met zoveel mogelijk natuurliefhebbers meer dan 5.000 soorten ontdekken in de Gelderse Poort. Dit doel is inmiddels dus behaald. De 5000e soort was een Amarantensteilneus, dit is een blindwants die werd waargenomen door Erik van Dijk. Bij 5.000 stopt de teller niet; we stoppen pas met zoeken als het jaar afgelopen is.
De Gelderse Poort is het gebied waar de Rijn vanuit Duitsland Nederland binnenkomt en zich vertakt in de Waal, de Nederrijn en de IJssel. Het gebied is belangrijk voor talloze soorten die zich via de rivieren door de rest van het land verspreiden. De Gelderse Poort is ook een gebied waar dankzij natuurontwikkeling de natuur veel meer ruimte heeft gekregen. Doordat de rivier in de uiterwaarden veel ruimte heeft gekregen, ontstaat een zeer dynamisch gebied. Het natuurbeheer gebeurt vooral door de rivier zelf en met de jaarrond grazende runderen en paarden die zorgen voor variatie in de begroeiing. Zo liggen er vooral langs de Waal uitgestrekte jaarrond begraasde natuurgebieden. Daarnaast liggen in de Rijnstrangen bijzondere graslanden en uitgestrekte rietmoerassen die gemaaid en beheerd worden. Voor de rest bestaat de Gelderse Poort voornamelijk uit agrarisch gebied. In de natuurgebieden zijn vooral de lagere natte en kleiige delen minder gevoelig voor stikstof. Ondanks dat de diversiteit aan biotopen in dit gebied relatief klein is, zijn er nu al spectaculair veel en bijzondere soorten waargenomen. De Gelderse Poort blijkt echt een hotspot voor biodiversiteit.

Highlights: van Negendoornige wintersteenvlieg tot Schimmelende kroonkruidgalmug

Onder de meer dan 5.000 waargenomen soorten, zitten uiteraard veel algemene soorten, van Huismus tot Madeliefje. Maar er zijn ook allerlei bijzonderheden waargenomen. Zo werd in de Erlecomse Waard voor het eerst een bevestigde vondst van Duinsabelsprinkhaan gedaan. Er blijkt hier een grote populatie op het rivierduin voor te komen. Deze sprinkhaan was eerder alleen bekend van de Kunderberg in Zuid-Limburg en uit de duinen aan de kust.

In de Millingerwaard werd een Negendoornige wintersteenvlieg gevonden. Deze steenvlieg werd in 2010 voor het eerst gevonden in Nederland en was tot nu alleen bekend van de Roer en Swalm in Limburg. Of deze zeer zeldzame wintersteenvlieg zich voortplant in Rijn en Waal is nog onbekend.
Bruchophagus astragali, met als Nederlandse naam Hokjespeulzaadwesp, is een minuscuul wespje dat voor het eerst in Nederland werd waargenomen. De larven leven in de peulen van Hokjespeul, een zeldzame plant die op enkele plekken in de Gelderse Poort te vinden is.
In de Nijmeegse Stadswaard werd Tandzuring gevonden, een zeer zeldzame plant die sporadisch opduikt op slikkige rivieroevers van de Waal. Deze plant is een mooi voorbeeld van hoe soorten zich kunnen verspreiden via de rivieren. Zou de soort de komende jaren ook opduiken langs de IJssel en in het westen van het land?

Er zijn nog tal van andere bijzondere waarnemingen, zoals de eerste Late meidoornspanner buiten het Maasheggengebied, de eerste Zwavelgele peulkokermot buiten Zuid-Limburg, Gele stamjager, Lathyrusbladgalmug, Rupsklaverschijnbekertje, Wimpermos, Wilgenspanner, Schimmelende kroonkruidgalmug enzovoort enzovoort.

De teller loopt door

Het jaar is nog lang niet ten einde dus het aantal waargenomen soorten zal nog toenemen. Het beste seizoen voor paddenstoelen moet bijvoorbeeld nog beginnen. Daarnaast zijn onderzoekers, die duizenden insecten met vallen hebben gevangen, nog druk aan het determineren. Waar de teller zal eindigen weten we niet, maar we zijn nu al blij dat dit hoge aantal is gezien.
Wat we nu al kunnen zeggen, is, dat de Gelderse Poort rijk is aan soorten, oftewel het heeft een hoge biodiversiteit. Vooral in de natuurgebieden is de diversiteit hoog en ook de biomassaliteit is vaak hoog; veel soorten komen er in hoge aantallen voor. Dat zegt iets over de staat van de natuur in de vaak nieuwe natuurgebieden.
In 2023 zullen we een uitgebreide rapportage maken met alle highlights en conclusies.

Meedoen?
Iedereen kan meedoen! Dat doe je door je waarnemingen in te voeren in Waarneming.nl. Op die website kun je ook de waargenomen soorten bekijken.
De komende maanden zijn er ook nog excursies. Specialisten gaan op ontdekking en daarbij kun jij mee. Meer informatie over de excursies en algemene informatie over het soortenjaar lees je hier.

Tekst: Twan Teunissen (Staatsbosbeheer), Niels Eimers en Vincent Sanders (Flora en Faunawerkgroep Gelderse Poort)

Hokjespeulzaadwesp (foto: Niels Eimers)
Wimpermos (foto: Erik van Dijk)

Veroveren eekhoorns de Gelderse Poort?

In 2004 werd de eerste eekhoorn in de Gelderse Poort geregistreerd via www.waarneming.nl. Tot 2018 zijn er acht waarnemingen van eekhoorn in het gebied gedaan. De incidentele waarnemingen komen uit de Ooijpolder (4), Duffelt (1), Rijnstrangen (1) en langs de voet van de Stuwwal (2) waar de soort zich voortplant. Een verkeersslachtoffer is aangetroffen op de Kapitteldijk nabij Leuth.  

Vanaf 2018 is er iets bijzonders aan de hand. Uit 47 waarnemingen tot op heden lijkt het dat de eekhoorn zich permanent gevestigd heeft in Kekerdom en omgeving. Rond de Sint Laurentiuskerk in Kekerdom zijn sindsdien twee eekhoornnesten aangetroffen. De nesten waren bekleed met takken en bladeren. Vooral in de eerste jaren werd de eekhoorn veel waargenomen in de pastorietuin. Op 18 september 2020 werd in diezelfde pastorietuin zelfs een volwassen individu met een jong exemplaar gezien. Het bewijs van voortplanting in de Gelderse Poort!  

De meeste waarnemingen in Kekerdom zijn gedaan in de bebouwde kom en in de periode van september tot en met februari. In het dorp is voldoende voedselaanbod doordat inwoners vogels bijvoeren. De eekhoorn pikt daar graag een graantje van mee. Er zijn tuinen waar de eekhoorn dagelijks op bezoek komt.  

Waarnemingen in de voortplantingsperiode zijn beperkt. In de zomerperiode is de range van de eekhoorn mogelijk kleiner of wordt de Millingerwaard in plaats van het dorp als foerageergebied gebruikt. In oude bossen leeft eekhoorn voornamelijk van noten en zaden. Aangezien bomen in de Millingerwaard voornamelijk populieren en wilgen betreffen, bestaat het voedsel in de voortplantingsperiode mogelijk meer uit knoppen, bladeren, bessen, schors, rupsen, vogeleieren en jonge vogels.  

Het is aannemelijk dat de eekhoorn zich heeft verspreid vanaf de Stuwwal (Beek-Ubbergen). Meerdere waarnemingen aan de voet van de Stuwwal laten namelijk zien dat eekhoorns regelmatig de grenzen van het bos opzoeken. Waarnemingen in de Ooijpolder en een verkeersslachtoffer nabij de Ooijse Graaf bevestigen het beeld dat eekhoorn uitzwerft naar noordelijke gronden. Dat er ondanks meerdere verkeersslachtoffers (2) vestiging heeft plaatsgevonden, geeft aan dat de kleine populatie in de Gelderse Poort wordt aangevuld vanuit kerngebieden (waarschijnlijk de Stuwwal).  

Mogelijk dat er in de Gelderse Poort meer gebieden geschikt zijn als leefgebied voor de eekhoorn. Vergelijkbare situaties (bebouwde kom die grenst aan natuurgebieden) zijn bijvoorbeeld te vinden in Ooij. Deze knuffelbare soort kan in ieder geval een warm welkom verwachten. Altijd leuk om een eekhoorn op de voedertafel te zien! 

Auteur: Vincent Sanders

Foto boven: Eekhoorn in de Millingerwaard (Harvey van Diek)

In het dorp Kekerdom verplaatst eekhoorn zich onder andere via daken van woonhuizen (foto: Vincent Sanders)

De een z’n dood is de ander z’n brood

Vorige week zijn een aantal wildcamera’s in de Gelderse Poort opgehangen. Hiermee is het mogelijk om een beeld te krijgen van het verborgen nachtleven en van dieren die zich niet zo snel laten zien. Een van de camera’s was gericht op een dode gans die diezelfde dag ten prooi gevallen was aan een grote buizerd. In de daarop volgende dagen is te zien wie er allemaal nog meer van gans houdt. We zien een kleine muizenfamilie, maar ook rat, das, vos, ree, zanglijster en boommarter. Er zijn gisteren meer wildcamera’s opgehangen op nieuwe locaties. Over twee weken gaan we kijken wat er deze keer voor de camera gelopen is.

De Glanzende Houtmier (Lasius fuliginosus)

De Glanzende houtmier is een sterk glanzende, zwarte, vrij grote mier met een aangename citroenlucht. Kenmerkend voor de soort is dat het achterhoofd uitgehold is. De mier leeft op en rond bomen. Ze gebruiken vaak jarenlang hetzelfde geurspoor op de bast van de boom om naar boven te lopen. Het nest van de mier wordt in een boom uitgeknaagd en ook jarenlang gebruikt. De uitgeknaagde gangen worden met honingdauw (melk van luizen) besmeerd. De luizenmelk bevat suikers die voeding zijn voor een schimmel, Cladosporium myrmecophilum, die alleen voorkomt in de nesten van deze mier. De schimmel vormt een netwerk van schimmeldraden. Uiteindelijk drogen die op, waardoor de wanden van de gangen verharden en een soort gewapende betonconstructie vormen. De mieren eten niet van de schimmel, maar ze onderhouden die voor hun veiligheid en een stevig nest.

Het belangrijkste voedsel van de Glanzende houtmier is de al genoemde honingdauw. Dit zoete sapje dat luizen uitscheiden, halen ze bij schorsluizen waarmee de mier een symbiose heeft. Een symbiose is een langdurig samenleven van tenminste twee organismen van verschillende soorten, waarbij de samenleving voor tenminste één van de organismen gunstig of zelfs noodzakelijk is. De luizen worden in ‘ruil’ voor hun melk beschermd door de mieren. Veel soorten mieren ‘melken’ luizen. Dat levert vaak conflicten op tussen verschillende soorten mieren, maar die worden bijna altijd door de Glanzende houtmier gewonnen. Omdat Rode bosmieren alleen bij daglicht foerageren en Glanzende houtmieren ook in het donker, komen overdag weggejaagde Glanzende houtmieren ’s nachts gewoon terug naar ‘hun luizenboom’ en nemen het weer over.

Deze soort kent een wijde verspreiding binnen de Gelderse Poort, Meinerswijk, Rijnstrangen, Millingerwaard, Groenlanden en nog een paar plekken in de Ooijpolder. Maar het zijn slechts 27 waarnemingen van de soort in waarneming.nl binnen de Gelderse Poort. Wellicht wordt er dit soortenjaar ook meer naar mieren gekeken en krijgen we zo een beter beeld waar bepaalde soorten mieren zitten.

Auteur: Peter Hoppenbrouwers

Glanzende houtmier – Foto: Peter Hoppenbrouwers

Getagd:

Beestjes tellen in poep en dode dieren, álles voor de wetenschap

Omroep Gelderland doet op de radio verslag van het soortenjaar. Specialisten Aglaia Bouma en Jan Wieringa gaan op zoek naar insecten onder een dode ree, in uitwerpselen en in mollennesten. Luister en lees verder via onderstaande link.

https://www.gld.nl/nieuws/7539908/beestjes-tellen-in-poep-en-dode-dieren-alles-voor-de-wetenschap

Foto: Omroep Gelderland. Aglaia Bouma en Jan Wieringa zoeken naar insecten in uitwerpselen

De Bever

In 1994 werden de eerste bevers vrijgelaten in de Gelderse Poort. Na een trage start blijkt nu dat dit herintroductieproject bijzonder succesvol is geworden. De bevers uit de Gelderse Poort hebben inmiddels hun soortgenoten bereikt die in de Biesbosch zijn uitgezet.

Dit knaagdier is 70 cm à 100 cm groot (kop en romp) en gemakkelijk te herkennen aan de brede platte staart. Hun favoriete leefgebied zijn rivieren en meren met wilgen en populieren langs de oevers. Met hun beitelvormige snijtanden knagen ze complete bomen om. Dit doen ze om ervan te eten en de bast van takken en twijgen dient als wintervoer. Verder gebruiken ze de takken om er beken mee af te dammen, of om burchten mee te bouwen. Hun houtbehoefte is wel 4.000 kilo per jaar. Zo houden zij de boomgroei in toom, maken ze open plekken waar weer planten en bloemen kunnen groeien en zorgen ze voor een gevarieerde structuur en leeftijdsopbouw van het bos.

In de wintertijd knagen ze meer bomen om en dit is nu goed te zien in de Gelderse Poort langs de Bisonbaai  in de Ooijpolder (zie foto onderaan) en de Millingerwaard. Maar ook in veel andere delen van de Gelderse Poort zie je aan de vers omgeknaagde bomen dat bevers er aan het werk zijn geweest. Ze zijn meestal ‘s nachts actief maar soms ook overdag, dus goed opletten!  

Auteur: Peter Hoppenbrouwers 

Knaagsporen van bever langs de Bisonbaai en links een bever in het water (foto’s: Peter Hoppenbrouwers)

Foto boven: Bevers rusten tijdens hoogwater bovenop hun burcht waardoor ze goed waarneembaar zijn (Thijmen van Heerde)

Tv programma Buitengewoon op visite in de Gelderse Poort

Kijktip!

Vandaag is het 5000 soortenjaar op tv bij Omroep Gelderland. In het televisieprogramma Buitengewoon gaan Thijmen van Heerde en Harm Edens op zoek naar bijzondere fauna in de Gelderse Poort. Het programma is vanavond elk uur te zien vanaf 19:20. Wil je op een ander moment kijken? Klik dan op onderstaande link.

https://www.gld.nl/tv/aflevering/buitengewoon-nieuwjaarspecial/114072

De Gelderse Poort en biodiversiteit: Een nulmeting en perspectief voor het komende jaar

De Gelderse Poort heeft een hoge biodiversiteit. Tot op heden zijn in Waarneming.nl 6.185 soorten ingevoerd. Dit aantal in Waarneming.nl is natuurlijk niet compleet omdat het pas sinds 2005 bestaat. Daarnaast maken niet alle natuurwaarnemers er gebruik van. De werkelijke biodiversiteit zal dus veel hoger liggen. In Waarneming.nl zijn bijvoorbeeld tot op heden slechts ruim 27.000 van de ruim 40.000 Nederlandse soorten ingegeven. Dit zijn natuurlijk wel de meest zichtbare soorten. Bij planten en vogels ontbreekt nagenoeg niets. Bij schimmels zal bijvoorbeeld relatief veel ontbreken. De waargenomen biodiversiteit is dan ook afhankelijk van de mate waarin de verschillende experts het gebied hebben onderzocht, maar wel een afspiegeling van de werkelijke biodiversiteit. In 2022 proberen we zoveel mogelijk soorten te zien en ook experts van allerlei bekende en minder bekende soortgroepen te enthousiasmeren de Gelderse Poort onder de loep te nemen en waarnemingen door te geven via Waarneming.nl.

Veel cultuur en maar één floradistrict

De hoge biodiversiteit in de Gelderse Poort is eigenlijk opmerkelijk omdat sprake is van slechts één floradistrict, het fluviatiele, en dat daarnaast vrijwel het gehele gebied in cultuur gebracht is met polders, akkers, weilanden, kribben, dijken, dorpen en wegen. Bij elk floradistrict horen niet alleen heel veel plantensoorten, maar ook heel veel insecten en paddenstoelen die weer bij die plantensoorten horen. Van een zomereik zijn bijvoorbeeld ruim 130 insecten afhankelijk. Het is overigens niet dat cultuurlandschap geen biodiversiteit heeft. Sommige cultuurelementen zoals kribben verrijken juist de biodiversiteit. In de aan de Gelderse Poort grenzende gemeente Nijmegen is nauwelijks buitengebied en natuur, maar desondanks zijn tot op heden 5.378 soorten waargenomen. Twee floradistricten dat dan weer wel. 

Oorzaken hoge biodiversiteit in de Gelderse Poort

Vijf belangrijke factoren zorgen voor de huidige hoge biodiversiteit in de Gelderse Poort. Ten eerste heeft de Rijn met haar aftakkingen eeuwenlang gezorgd voor een grote diversiteit in typen bodem en reliëf. Ten tweede zorgt de rivier nog steeds voor veel dynamiek, waardoor in delen van het gebied successie van flora keer op keer wordt teruggezet. Ten derde lopen de Rijn en haar zijrivieren door een stroombekken met onder andere de Ardennen, Eiffel, Frankische, Schwäbische en Zwitserse Alpen. Dit zorgt voor een ongekende aanvoer van zaden van de zogenaamde stroomdalplanten. Ten vierde is in 1992 de Rijn met de Donau gekoppeld door de opening van het Main-Donaukanaal. Hierdoor is er een uitwisseling van vissen en aquatische organismen. Tot slot heeft de mens begin jaren 90 besloten om natuurontwikkeling in de uiterwaarden toe te laten in combinatie met grote grazers. Toe te laten, want natuur is niet iets wat je maakt. Natuur is iets dat vanzelf komt. Je kunt hooguit de randvoorwaarden beïnvloeden. Bijvoorbeeld stikstofdepositie of het grondwaterpeil.

Bijzondere biodiversiteit in de Gelderse Poort

Het meest kenmerkend voor de biodiversiteit in de Gelderse Poort is de stroomdalflora in stroomdalgraslanden in combinatie met zacht- en hardhoutooibos. De flora kent soorten als Kruisdistel, Kleine Ruit, Karwijvarkenskervel, Veldsalie, Walstrobremraap, Violette Bremraap, Harige Ratelaar, Beemkroon, Varkenskervel, Spaanse Zuring, Besanjelier, Stijve Steenraket, Brede Ereprijs, Pijpbloem, Riempjes en Ruig Viooltje. 

Verdeling biodiversiteit in de Gelderse Poort

Onderstaande figuur geeft aan hoe de 6.185 tot 2022 in de Gelderse Poort waargenomen soorten per soortgroep zijn opgedeeld. Hierbij is geen onderscheid gemaakt tussen inheemse soorten en incidentele of ontsnapte soorten. De meest soortrijke soortgroep betreft de nachtvlinders met 930 soorten. Planten en kevers zijn met respectievelijk 850 en 833 een goede tweede en derde. De 930 soorten nachtvlinders zijn ruim een derde van alle nachtvlinders die ooit in Nederland gezien zijn. De 641 paddenstoelen betreffen slechts een fractie van de meer dan 11.000 schimmels die in Nederland ooit gezien zijn. De 319 vogelsoorten betreffen iets minder dan de helft van alle in Nederland waargenomen vogelsoorten. De slechts 51 libellen betreffen daarentegen liefst 71% van alle libellen die in Nederland ooit gezien zijn. Ook bij de zoogdieren zijn de roofdieren sterk vertegenwoordigd. Vos, Das, Otter, Steenmarter, Hermelijn, Bunzing, Wezel, Amerikaanse Nerts, Wasbeer, Wasbeerhond en zelfs Wolf, Boommarter en Goudjakhals als zwervers. Eigenlijk ontbreken alleen de Lynx en de Wilde Kat.

Nog meer getallen in de Gelderse poort

De top 3 van meest gemelde soorten bestaat uit 1. Buizerd 23.366, 2. Grote Zilverreiger 21.927 en 3. Blauwe Reiger 21.927. De eerste niet-vogel is de Europese Bever en die staat op plek 104 met 3.080 waarnemingen. 

De top 3 van waarnemers bestaat uit 1. Peter Brouwer met 102.995 waarnemingen, Vincent Sanders met 36.876 waarnemingen en 3. Aart Vink met 31.626. Aart Vink is opmerkelijk want hij woont helemaal in Veenendaal, maar Aart heeft zijn opschrijfboekjes met waarnemingen uit de Gelderse Poort ingevoerd met waarnemingen vanaf 1960.

Hoe realistisch is het enorme aantal van 5000 soorten?

Ikzelf kijk al 25 jaar heel breed en actief naar vrijwel alle soortgroepen en heb in die tijd ruim 5100 soorten bij elkaar gesprokkeld in heel Nederland. Dan lijkt 5000 soorten in een beperkt gebied in slechts één jaar een enorme uitdaging. Maar we zijn nu natuurlijk met tientallen zo niet honderden waarnemers met allerlei expertises. Zonder biodiversiteitsjaren van één waarnemer of een groep waarnemers zijn in de Gelderse Poort toch na augustus 2017 5.000 soorten gezien. Ruim vier jaar waarbij waarnemers vooral de bekende natuurgebieden bezochten en veel minder de dorpskernen of polderbosjes. Dit maakt het doel van 5.000 soorten in een jaar een stuk tastbaarder, ook als in dat jaar extra inzet gepleegd wordt. Kortom op 1 januari gaan we los.

Soortenjaar op de radio

Koninginnenpage – Papilio machaon (foto: Vincent Sanders)

Vorige week is Vincent Sanders van de organisatie geïnterviewd in het programma ‘Kiek Dor’ van de Omroep Berg en Dal. In het interview is de achterliggende gedachte van het soortenjaar toegelicht en hoe we dit willen bereiken.

Het interview is terug te luisteren op onderstaande website en is uitgezonden op 27 november 2021 en start vanaf minuut 16.

https://www.omroepbergendal.nl/gemist/aflevering/98799-kiek-dor

Weidesprinkhaan

Weidesprinkhaan – Chorthippus dorsatus (foto: Peter Hoppenbrouwers)

In 2018 is een populatie Weidesprinkhaan – Chorthippus dorsatus aangetroffen in de Gelderse Poort en wel in de Klompenwaard, een landtong ingeklemd tussen de Waal en het Pannerdens Kanaal. De zeer zeldzame sprinkhaan had zich sinds 1947 niet meer voortgeplant in Nederland, in de tijd ertussen zijn maar een paar waarnemingen van de soort gemeld uit Overijssel. De soort doet het drie jaar later, in 2021, heel goed en heeft zich verder via de uiterwaarden naar het westen verspreid. De Weidesprinkhaan heeft een heel zacht en kort geluid dat eindigt met een versnelling. Relevante kenmerken om op te letten zijn een vrij recht halsschild en de kleur van de achterknie die ongeveer gelijk is aan de rest van de achterpoot. De sprinkhaan is van eind juli tot en met half oktober te vinden in de uiterwaarden van de Gelderse Poort. Hopelijk duikt de Weidesprinkhaan in het Soortenjaar van de Gelderse Poort in 2022 ook op nieuwe plekken op!

Mannetje Weidesprinkhaan. De foto bovenaan dit bericht laat een vrouwtje zien.