Foto van de week 38

Bleek nestzwammetje – Cyathus olla (foto: André Geelhoed)

Eindelijk is er een behoorlijke hoeveelheid regen gevallen na maandenlange droogte. Voor paddenstoelen de aanleiding om de kopjes op te steken. We verwachtten ze al – het seizoen ervoor is immers begonnen – toch komen er nog niet echt veel waarnemingen van deze mooie herfstvruchten voorbij. André Geelhoed vond bij Aerdt dit grappige op een vogelnestje lijkend zwammetje. Zijn foto’s ervan trokken mijn aandacht door de ‘eitjes’ in de beker. Ik kende deze paddenstoel nog niet, al blijkt het een algemene soort te zijn. Informatie op waarneming.nl leert me dat dit een Bleek nestzwammetje (Cyathus olla) is. Dat is een klein zwammetje dat meestal in groepjes te vinden is op de grond op dood hout van loofbomen, soms van naaldbomen. Die ‘eitjes’ op de bodem van de beker zijn 2 tot 2,5 mm groot en bevatten de sporen. Ze zitten met een draadje vast aan de bodem en hebben regen nodig om zich te verspreiden: door regendruppels worden ze weggeslingerd. Zo interessant al die verschillende voortplantingstechnieken van de verschillende organismen.

Afgelopen weekend was er ook een excursie van de Nederlandse Malacologische Vereniging in de GP. Ook dat kende ik nog niet. De NMC blijkt een vereniging van liefhebbers van schelpen en slakken. De leden verzamelen en onderzoeken levende en fossiele schelpen en slakken. Hun excursie in de GP heeft direct een aantal nieuwe soorten voor de toch al indrukwekkende lijst opgeleverd, zoals Blindslakje (Cecilioides acicula) en Stompe erwtenmossel (Euglesa obtusale). Wat een namen weer hè. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen of er nog meer nieuwe weekdiersoorten aan de lijst kunnen worden toegevoegd. We wachten het af.

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 37

Zuidelijke heidelibel – Sympetrum meridionale (foto: Jeroen Veeken)

Foto van de week 37 is een paringswiel van Zuidelijke heidelibellen (Sympetrum meridionale). De naam zegt het al, de Zuidelijke heidelibel is eigenlijk een mediterrane soort. Ik twijfel er niet aan dat de klimaatverandering tot de opmars in Noord-Europa heeft geleid. In 2006 zag ik de soort voor het eerst op de Mulderskop onder Nijmegen. Het was toen nog een voor Nederland zeer zeldzame heidelibel, die soms als zwerver uit het zuiden hier aangetroffen kon worden. Inmiddels plant hij zich al jaren voort in Nederland. De Millingerwaard in de GP was een van de eerste voortplantingsgebieden, maar zoals dit paar op de foto van Jeroen Veeken uit de Gendtse polder laat zien, heeft de soort ook elders ‘vaste voet aan de grond’ gekregen.

Aan het aantal deze week op waarneming.nl geplaatste foto’s valt af te lezen dat het weer is omgeslagen. Dat de zomervakantie voorbij is, zal ook een rol spelen. Toch leverden de zoektochten van waarnemers wederom bijzondere soorten en/of plaatjes op. In de Bemmelse Polder werden Kleine strandloper (Calidris minuta) en Kanoet (Calidris canutus) gespot, die foerageerden daar even op hun tocht naar het zuiden. De familie van de paddenstoelen begint tot bloei te komen. Mooie foto’s waren er van het zeer zeldzame Klaver-roetstreepzwammetje (André Geelhoed, Kandia) en de zeldzame Meidoorn-jeneverbesroest (Kees van Oorde, Meinerswijk). Minder leuk tenslotte waren de waarnemingen van dode Europese bevers in de Klompenerwaard en de Millingerwaard, van een restje Ree in de Rosandse Polder en van een mogelijke Molmuis (Arvicola scherman) in het Circul. Maar ja, de dood hoort ook bij het leven. We zullen het de komende maanden wel meer gaan zien.

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 36

Puccinia cynodontis (foto’s: Erik Slootweg)

Mijn vader zou zeggen: ‘wat heb ik nou aan mijn fiets hangen?’ Nou, dit blijkt Puccinia cynodontis te zijn, een zogenoemde roestschimmel op grassen, in dit geval op Handjesgras (Cynodon dactylon, zie foto hieronder). Maar dan weet je nog niet wat je op de foto van de week ziet. Welnu, dat is een microscopisch beeld van deze roest. Het toont teliosporen. Dat zijn sporen die gevormd zijn in bepaalde structuren, telia genaamd, die kenmerkend zijn voor de soort en daarom van belang voor de determinatie. Voor de roest is het belangrijk dat de dikke celwand de sporen beschermt tegen uitdroging en kou, en ze zo door de winter helpt, leert Wikipedia mij.
De fotograaf Erik Slootweg geeft aan de roest gevonden te hebben op aanwijzing van Charlotte Swerts tijdens een gallenexcursie in de Millingerwaard. Zij maakten deel uit van de groep experts die op zaterdag 3 september op zoek zijn gegaan naar gallen, schimmels en allerlei andere interessante, voor leken minder of volledig onbekende organismen die leven op/van planten en bomen. Ze zijn daar goed in geslaagd, waardoor de soortenlijst wederom fiks is toegenomen.
Deze week was ook voor de flora een mooie week. Twan Teunissen vond verscheidene zeer zeldzame planten op de Waaloever: Artemisia scoparia, Pulicaria arabica en Spiesraket (Sisymbrium loeselii) (2-9). Verder ontdekte Martien van Bergen de waanzinnig goed gecamoufleerde rups van de nachtvlinder Absintmonnik (Cucullia absinthii) op Bijvoet (Artemisia vulgaris) (3-9). En waren er wederom veel waarnemingen met mooie foto’s van op trek zijnde vogels zoals Visarend, Wespendief en Krombekstrandloper. Ten slotte vielen de nazomersoorten op bij de dagvlinders (Oranje luzernevlinder) en de libellen (Zuidelijke heidelibel). Het stemt bijna weemoedig: de zomer loopt op zijn eind. Toch kan de herfst ons nog mooie dingen brengen. Dus gaan we met goede moed en goede zin het veld in!

Puccinia cynodontis op Handjesgras (foto: Erik Slootweg)

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 35

Kleine en Grote zilverreiger – Egretta garzetta en Ardea alba (foto: Rico Otten)

De najaarstrek van vogels is weer begonnen. De Gierzwaluwen zijn al eind juli teruggegaan naar Afrika, andere trekvogels volgen. Dat betekent dat er weer meer waarnemingen worden gedaan van minder ‘normale’ vogels in de GP, zoals van Hop, Zwarte ooievaar, Rode wouw en Visarend. Vooral die laatste is de afgelopen weken veel gefotografeerd. De Kleine zilverreiger (Egretta garzetta) op de foto van de week wordt al vanaf mei in de GP gezien. Er werden er 16 in totaal geteld. Daarmee lijkt de vogel vrij normaal voor de GP, maar de soort komt in Nederland eigenlijk meer voor in de kuststreken, waar hij ook broedt. Grote zilverreigers (Ardea alba) zijn al een poos aan een opmars bezig door heel Nederland, ook in de GP waar ze vaak in grote groepen samenkomen. De foto van Rico Otten laat mooi de verschillen tussen beide soorten reigers zien. Let daarbij vooral op de grootte, de snavel en de poten.

Ondertussen blijft de lijst van unieke en zeldzame waarnemingen groeien. Bij de planten vond Niels Eimers twee zeldzaamheden pal naast elkaar, namelijk IJzervaren en Geschubde mannetjesvaren. Peter Hoppenbrouwers vond de zeer zeldzame Weidesprinkhaan en Kiezelsprinkhaan. Van de vlinders wordt de hoogzomersoort Oranje luzernevlinder nu vaak gezien. En de stierenkuilen blijven prachtige waarnemingen en foto’s opleveren. Zie de bijzonder mooie series van Jeroen Veeken en Arie van Dijk van o.a. Bijenwolven die hun prooi naar een nestholte brengen.

Ten slotte vraag ik aandacht voor een miniem klein beestje (nog geen halve centimeter groot): Notus flavipennis. Dat is een goudgeelgekleurde cicade. Het mannetje is met macrofotografie (en het stapelen van foto’s om scherptediepte te krijgen) wel heel bijzonder op de foto gezet door Rudy Soethof. De eerste foto van wat ik denk dat een onderscheidend kenmerk van een mannetje zal zijn, heeft wel wat weg van een hertengewei. De tweede foto laat het beestje in zijn geheel zien. Mooi hè?

Stacked from 10 images. Method=C (S=4)

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 34

Snoek – Esox lucius (foto: Erik van Dijk)

Zeker, er zijn mooiere foto’s geplaatst deze week (sorry Erik), ook van meer bijzondere soorten, maar deze situatie waar enkele waarnemers van het 5000-soortenjaar toevallig tegenaan liepen, toont een ander type ‘waarnemer’ en ‘documentalist’, en dat is ook wel eens aardig. Het is een sportvisser die zijn vangst trots op foto vast laat leggen. De door hem binnengehengelde Snoek (Esox lucius) is zeker indrukwekkend te noemen. Hoe groot zal ie zijn? Een meter? En als dat zo is, dan zal het een vrouwtje zijn, want een mannetje Snoek wordt niet groter dan 85 cm begrijp ik van de informatie op Wikipedia. Vrouwtjes kunnen wel 140 cm lang worden.

De waarnemers waren op dat moment bij de Bisonbaai voor een excursie naar de bewoners van stierenkuilen o.l.v. Jeroen Helmer (zie foto van de week 26). Dat leverde weer bijzondere vondsten op, zoals de zeer zeldzame Schubhaarkegelbij (Coelioxys afer). Mooi beestje hoor, mooie foto’s ook. Zoek maar eens op. Deze kegelbij was eerder al gevonden door Marc de Winkel (26 juni, Kekerdomse Waard), maar dat mannetje leefde niet meer. Dat maakt de waarneming bij de Bisonbaai, waar een vrouwtje in de stierenkuil werd gespot des te interessanter. Want waarschijnlijk wil dit vrouwtje haar eitjes in het nest van een andere bij afzetten. De Schubhaarkegelbij is namelijk een koekoeksbij, een bij dus die zoals een koekoek haar eitjes in het nest van een ander legt, waaronder in die van het in stierenkuilen levende Zilveren fluitje (Megachile leachella).

De waterstanden in de Gelderse Poort zijn dramatisch laag, maar het biedt waarnemers tevens mogelijkheden. Waterrallen (Rallus aquaticus), bijvoorbeeld, zijn gewoonlijk schuwe, goed tussen de waterplanten verborgen levende vogels. Daarom worden ze meestal alleen gehoord, maar de laatste tijd ziet men de vogel ook. Onder meer bij de Oude Waal in de Ooijpolder toont hij zich nu open en bloot aan de modderige randen van het ‘eilandje’. En dus verschijnen er nu foto’s van op waarneming.nl. Leuk.

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 33

Lederboktor – Prionus coriarius (foto: Ria Vogels)

In de week dat de 5000e soort voor de GP kon worden bijgeschreven (hoera!), kies ik als foto van de week een bijzondere waarneming voor die GP. Bijzonder, omdat het feitelijk om een bewoner van oude bossen gaat en dus niet om een typische soort van het rivierengebied. Het is deze keer ook een waarneming uit de eerste hand. We waren met vijven net gestart met nachtvlinderen bij het Wylerbergmeer, toen een enorm insect het laken bestormde. De Lederboktor (Prionus coriarius), want dat was het, veroorzaakte grote onrust onder de al gearriveerde beestjes op het laken, en groot enthousiasme onder de aanwezige fotografen. De camera’s klikten al net zo driftig, als dat de boktor op het laken tekeerging. Hij weigerde stil te gaan zitten. Op de gekozen foto (van de auteur van deze blogs) is die beweging zichtbaar.
Volgens de informatie op waarneming.nl leeft er een kleine populatie Lederboktor op de Sint-Jansberg op de stuwwal. Waarschijnlijk is dit individu daarvan afkomstig. Ze vliegen van juli tot augustus, en ze komen op licht af. Eerlijk gezegd dacht ik de Lederboktor al in de waarnemingen van de GP voorbij te hebben zien komen, maar dat klopte niet. Het is de eerste gemelde waarneming voor het gebied dit jaar. En de eerste keer ooit dat ik er een zag.
Dezelfde avond kwam er ook nog een Bosuil (Strix aluco) van de stuwwal afdalen. We hadden hen (meerdere zelfs) eerder al gehoord. Eentje ging zo’n 30 meter van ons vandaan in een boom zitten roepen, maar hij was helaas snel weer vertrokken (gehoord door allen, gezien door een van ons). Ook dat was een zekere, maar niet alledaagse waarneming voor de GP. De Bosuil is immers evenmin een bewoner van het rivierengebied. Hoeveel bijzondere soorten zullen er nog aan de nu al indrukwekkende lijst worden toegevoegd? Ik ben benieuwd.

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 32

Gasteruption jaculator (foto: Rick Geling)

Moeder natuur heeft vreemde kostgangers, om maar eens een oud gezegde te verhaspelen, en dit beestje op de foto van de week is daar een goed voorbeeld van. Rick Geling vond en fotografeerde deze vrouw Gasteruption jaculator in de Millingerwaard (7 augustus). Dit vreemde insect behoort tot de familie van de hongerwespen (Gasteruptionidae). Het staartstuk zit bij deze soorten niet onderaan, maar bovenaan het borststuk. Het is een klein wespje (circa 15mm), maar de vrouwtjes lijken veel groter door hun extreem lange legboor, zoals zichtbaar op de foto. Met die legboor legt ze een eitje in een nest van andere solitaire wespen of bijen. Op de foto is ze daar mee bezig. De larve zal het eitje en het voedsel van de geparasiteerde ‘gastheer’ opeten, in het nestje overwinteren en in de lente verpoppen, om in de zomer uit te vliegen en de cyclus overnieuw te starten.
De soort is zeker niet zeldzaam en kan aangetroffen worden bij bijenhotels in tuinen en op schermbloemen. Toch is het deze week pas de eerste waarneming van de soort voor de Gelderse Poort. Daarmee draagt het een mooi steentje bij aan het op donderdag 11 augustus (datumgrens van week 32) bijna, maar nog net niet behaalde doel van 5000 soorten!

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 31

Metaalkokermot – Coleophora alcyonipennella (foto: André Geelhoed)

De foto van de week is deze prachtige Metaalkokermot met op de achtergrond de waardplant van deze nachtvlinder. De larven eten van de rijpende zaden van Witte klaver. De larven maken een koker die geconstrueerd is uit een verdroogd klaverbloemetje. Ze zijn in dit stadium uitzonderlijk lastig te vinden. De imago’s van deze nachtvlindersoort zijn daarentegen een stuk opvallender en bijzonder fraai!

Er zijn deze week weer zo’n 80 nieuwe soorten toegevoegd aan de lijst van dit jaar. We zitten daarmee op 99% van het beoogde doel van 5000 soorten, maar we zoeken uiteraard door tot het jaar eindigt. Naast een hoop prachtige nachtvlinders, is ook onderstaande foto van maar liefst zeven Zwarte ooievaars binnengekomen! Wat een uitzonderlijke situatie (foto: Luc Oteman).

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 30

Schoraas – Ephoron virgo (foto: Wanda Floor-Zwart)

Foto van de week is niet een nieuwe waarneming, want de soort is dit jaar al vanaf 19 juli gezien in de Gelderse Poort, maar het is een mooie gelegenheid om een opmerkelijk zomerfenomeen in de spotlight te zetten. Schoraas (Ephoron virgo) is een haft, een eendagsvlieg, die de grote rivieren in Nederland als biotoop heeft. De soort was vanaf de jaren 30 in de vorige eeuw tot 1991 uitgestorven in Nederland, maar komt nu weer voor, vooral in de Rijn, Nederrijn, Waal en IJssel, al is hij nog steeds zeldzaam. De haft leeft als larve diep in het zand van de rivierbodem om na een jaar massaal uit te vliegen ergens vanaf van juli tot september, met een piek in augustus. Na zonsondergang voeren de imago’s boven het water hun paringsdans uit. Met hun melkwitte uiterlijk lijken ze op sneeuwvlokken, vandaar dat dit fenomeen ook wel zomersneeuw wordt genoemd. De imago’s leven maar heel kort – het zijn niet voor niks eendagsvliegen – het mannetje sterft direct na de paring en het vrouwtje vliegt weg om haar eitjes af te zetten, waarna ook zij het leven laat. Vrouwtjes komen vaak op licht af, maar dat was bij Wanda Floor-Zwart, de fotografe van de foto van de week, niet het geval (Meinerswijk, Steenfabriek). Wanda vond dit vrouwtje ’s ochtends vroeg. Wellicht was het beestje nog druk doende met eitjes afzetten, gezien de gele slierten aan haar achterlijf, of er is iets misgegaan, ik weet het niet, het levert in ieder geval een bijzonder beeld op.

Wat een week weer, trouwens! André Geelhoed en Niels Eimers ontdekten vorige week al een nieuwe soort voor de Gelderse Poort (Zwavelgele peulkokermot, Coleophora coronillae). Die ontdekking ontketende een zoektocht van andere waarnemers, waaruit bleek dat de soort minder zeldzaam was dan gedacht (zie foto van de week 29). Deze week ontdekten André en Niels een geheel nieuwe soort voor Nederland op Hokjespeul (Astragalus glycyphyllos): Hokjespeulzaadwesp (Bruchophagus astragali). De soort moest zelfs nog als invoermogelijkheid worden aangemaakt in Waarneming.nl. En André heeft op 28 juli waarschijnlijk nóg een geheel nieuwe soort voor Nederland gevonden, ook op Hokjespeul, namelijk Hokjespeulbandpalpmot (Syncopacma ochrofasciella). Maar dat is nog niet helemaal zeker, vandaar dat deze voorlopig als Bandpalpmot onb. (Syncopacma spec.) staat genoteerd.

Deze week is 96% van het doel van 5000 soorten bereikt. Een geweldige prestatie. Laten we de lijst in de gaten houden, of beter nog: op pad gaan om nieuwe soorten te vinden. Het doel is niet meer ver weg.

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.

Foto van de week 29

Gele stamjager – Choerades fulva (foto: Peter Hoppenbrouwers)

Gele stamjager (Choerades fulva) is vorig jaar voor het eerst in de Millingerwaard waargenomen, en dit jaar dus weer. Deze roofvliegensoort is superzeldzaam in Nederland. Eerder is deze pas een keer gevangen op de Sint Pietersberg. Vorig jaar werd er ook een vrouwtje aangetroffen in de bebouwde kom van Zoetermeer. Dat was opmerkelijk, want ver weg van de normale biotoop van vochtige loofbossen, waar ze bovendien als zeer honkvast gelden (misschien meegelift in de auto?). In de Millingerwaard klopt de habitat wel. De soort heeft het er blijkbaar prima naar de zin, er zijn dit jaar al meerdere mannetjes en vrouwtjes aangetroffen. Gele stamjagers jagen op insecten vanaf bladeren of stammen van bomen. De foto van de week van Peter Hoppenbrouwers toont een vrouwtje op een boomstam met prooi.
Waarneming.nl vermeldt in de informatie over deze roofvlieg dat er taxonomisch verwarring is over de wetenschappelijke benaming: is het C. fulva of C. fimbriata? Volgens admin Elias de Bree heeft onderzoek uitgewezen dat de correcte naam Choerades fulva (Meigen, 1804) moet zijn en dat wordt nu op Waarneming.nl gevolgd.
Een andere leuke vondst deze week is die van Rivierdonderpad (Cottus perifretum) in de Lobberdense Waard bij Pannerden. Het is net als andere grondelsoorten een vis met een monsterlijk uiterlijk, mooi van lelijkheid. Deze nachtactieve vis wordt gezien als kwetsbaar, omdat ze gevoelig is voor lage zuurstofgehalten en watervervuiling, en doordat uitheemse grondelsoorten vanuit de Donau oprukken en de inheemse Rivierdonderpad dreigen te verdrijven. De Rivierdonderpad is de 31e vissoort die in dit 5000-soortenjaar in de Gelderse Poort is gevonden.

Klik op deze link om te zien hoeveel en welke waarnemingen er al zijn gedaan in het 5000-soortenjaar.
Klik op deze link voor een overzicht van alle foto’s van de week.